De gevaren van honden en paarden

In de Verenigde Staten leven 85 miljoen huisdieren, op een bevolking van circa 300 miljoen mensen.1 Per jaar worden daar 4,5 miljoen mensen op de spoedeisende hulp (SEH) behandeld wegens een hondenbeet.2,3 

In Nederland houden wij in verhouding veel meer huisdieren; namelijk zo’n 15 miljoen.4 Volgens het Letsel Informatie Systeem van VeiligheidNL presenteren per jaar 23.800 mensen zich op de SEH wegens animal related injury, voornamelijk wegens hondenbeten of door van een paard te vallen.5 

De huidige literatuur kent veel beschrijvingen van bijtwonden en valpartijen, maar een algemeen overzicht van animal related injuries ontbreekt. Hoe ernstig zijn de verwondingen?

E.A.K. van Delft, I. Thomassen, A.M. Schreuder, N.L. Sosef

Om inzicht te krijgen in de incidentie en ernst van dier-gerelateerde letsels op de SEH hebben wij een retrospectieve analyse verricht. Alle statussen van patiënten die zich in de periode van een jaar op de Spoedeisende Hulp presenteerden werden geanalyseerd op betrokkenheid van een dier bij het trauma. Patiëntkarakteristieken (geslacht en leeftijd) alsmede diersoort, traumamechanisme en letsels werden gescoord. Tevens werden verrichte onderzoeken en behandelingen geanalyseerd. De resultaten van dit onderzoek werden in 2019 gepresenteerd in het medische tijdschrift ‘Trauma Case Reports’. (Trauma Case Rep. 2019, The Dangers of Pets and Horses, Animal Related Injuries in the Emergency Department). 

Valpartijen en bijtwonden 

In totaal brachten in dat jaar 18.544 patiënten na een trauma een bezoek aan de SEH. Bij 516 patiënten (2,8%) was er sprake van een trauma waarbij een dier betrokken was. Gemiddelde leeftijd van de patiënten was 38 jaar en in 27,3% was de patiënt onder de 18 jaar. Animal related injuries kwamen vaker voor bij vrouwen dan bij mannen, 80% versus 20%. Animal related injuries werden in meer dan 90% van de gevallen veroorzaakt door paarden en honden. Er was ook sprake van betrokkenheid van katten, konijnen, muizen, vogels, koeien, ezels en herten. 

Valpartijen en bijtwonden waren de meest voorkomende traumamechanismen. Mannen werden vaker gebeten of gekrabd. Vrouwen vielen vaker van een dier af, dit betrof meestal een paard. 

Onderzoeken en behandelingen 

Aanvullend onderzoek werd veelvuldig verricht: 334 röntgenfoto’s, 36 CT-scans, voornamelijk van brein en cervicale wervelkolom en 4 MRI’s. Bij 165 patiënten werd een fractuur gediagnosticeerd, 135 wonden werden behandeld. 58 patiënten werden opgenomen in het ziekenhuis, en 43 patiënten ondergingen een operatie ten behoeve van fixatie van fracturen of nettoyage van wonden. 

In drie gevallen was er sprake van permanente letsels, allen betroffen traumatische amputaties van vingers; twee maal door een hondenbeet, een keer zat een ring verstrikt in de teugels van een paard. In totaal overleefden drie van de 516 dieren het ongeval niet. 

Tijdens het werk 

Vier letsels waren werk gerelateerd. Een brandweerman die een poesje uit een boom wilde redden werd gekrabd in het gelaat. Een postbezorger werd in zijn vinger gebeten toen hij een pakketje door de brievenbus wilde stoppen. Een dierenarts sneed per abuis in haar eigen vinger toen zij een kat wilde castreren en liep een panaritium op, en een inbreker werd in zijn bil gebeten door een politiehond. 

Teugels in de hand 

Andere noemenswaardige letsels werden veroorzaakt door een hondeneigenaar die een stok voor de hond wilde gooien, maar per abuis de stok tegen het hoofd van iemand anders gooide, waarna deze persoon met een verminderd bewustzijn naar het ziekenhuis werd gebracht. Een andere patiënt wilde haar pitbull een kus op zijn snuit geven, haar gelaat moesten door een plastisch chirurg gereconstrueerd worden. Fietsen met de teugels van een paard in de hand blijkt eveneens geen goed idee: een paard besloot abrupt te stoppen voor vers gras waarop de patiënt van de fiets viel en een crurisfractuur opliep. 

Topje van de ijsberg 

In dit onderzoek vonden wij een incidentie van 2,8%, meer dan het dubbele van de schatting van VeiligheidNL.5 We zijn ervan overtuigd dat ons resultaat een onderrapportage van het echte aantal animal related injuries betreft. Wij zullen ongetwijfeld letsels gemist hebben doordat de patiëntstatus betrokkenheid van het dier niet vermeldde. Verder missen wij in deze database de minor en major trauma, omdat deze dan wel door de huisarts behandeld worden, dan wel direct naar een level-1 traumacentrum verwezen worden. Tot slot is de regio waar wij ons onderzoek uitgevoerd hebben een stedelijk gebied. In rurale gebieden kunnen meer letsels met grote dieren als paarden en koeien verwacht worden. 

Wat verder opviel is dat vrouwen veel vaker slachtoffer zijn van dieren dan mannen. In de literatuur ligt deze ratio juist andersom, dat komt doordat in de literatuur met name hondenbeten beschreven worden. Ook vonden wij veel ongevallen met paarden, 245, waarbij meer dan 90% het vrouwelijk geslacht betrof. Dit is in overeenstemming met de verhouding man/vrouw lidmaatschappen van de Koninklijke Nederlandse Hippische Federatie.6 

Mannen raken vaker gewond door bijt- en krabincidenten in verhouding tot vrouwen. In de literatuur is beschreven dat dit verklaard kan worden doordat bepaalde diersoorten meer agressie tonen naar mannen of doordat mannen zich meer blootstellen aan gevaarlijke situaties.7 

Concluderend vinden wij een incidentie van 2,8% die waarschijnlijk onderschat is. Veel cases zijn van noemenswaardige origine en brengen soms ernstige letsels met zich mee. 

Het is niet zo dat we per direct moeten stoppen met paardrijden of de huisdieren de deur uit moeten doen. Wel is het van belang alertheid in de algemene bevolking te creëren voor de potentiële gevaren die het kussen van de pitbull of het fietsen met een paard aan de teugels met zich mee brengt, zodat de mate en ernst van dier-gerelateerde letsels verminderd kunnen worden. 

Originele artikel: van Delft, EAK, Thomassen I, Schreuder AM, Sosef NL, 
The Dangers of Pets and Horses, Animal Related Injuries in the Emergency Department, 
Trauma Case Reports, 
2019 feb 21;20 
PMID: 30834286 
https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/30834286/ 

Bronvermelding 

  1. American Pet Products Association (APPA), National Pet Owners Survey 2017–2018, Greenwich, USA, (2018). 
  2. G.R. Patrick, K.M. O'Rourke, Dog and cat bites: epidemiologic analysis suggests different prevention strategies, Public Health Rep. 113 (1998) 252–257. 
  3. H.B. Weiss, D.I. Friedman, J.H. Coben, Incidence of dog bite injuries treated in emergency departments, JAMA 279 (1998) 51–53. 
  4. H.A.S. Hogenschool, Faculteit Diergeneeskunde Utrecht, in opdracht van Ministerie van Economische Zaken, Feiten en Cijfers Gezelschapsdierensector 2015, 's Gravenhage, augustus, (2015). 
  5. Letsel Informatie Systeem, (2015) Veiligheid NL. 
  6. Lidmaatschappen NOC*NSF, Nederlands Olympisch Comité Nederlandse Sport Federatie, Arnhem 2015, Ledentalregistratie 2015; Lidmaatschappen 2015 – Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie, 2015. 
  7. B.A. Lendrem, D.W. LEndrem, A. Gray, J.D. Isaacs, The Darwin awards: sex differences in idiotic behaviour, BMJ 349 (2014, Dec 11). 

E.A.K. van Delft, 
I. Thomassen, 
A.M. Schreuder, 
N.L. Sosef

U dient in te loggen om een reactie te kunnen plaatsen.

Laat een reactie achter

Dit veld is verplicht