Distale radiusfracturen bij mensen van 65 jaar en ouder: opereren of in het gips?

Jaargang 2020, editie 4.

Esther Kret, Anouk Kruiswijk, Dirk ter Meulen
 

Samenvatting:

Wat is de beste behandeling bij een gedisloceerde distale radiusfractuur bij patiënten van 65 jaar en ouder? Op dit moment weten we dat niet. Gips en opereren hebben beide zowel voor- als nadelen. Daarom loopt er een groot landelijk klinisch onderzoek: de DART studie. Studiekandidaten worden geloot tussen een gipsbehandeling of operatie, en worden een jaar intensief gevolgd door de onderzoekers. Op vaste momenten worden röntgenfoto’s gemaakt en vragenlijsten afgenomen over de functie van de pols. Op deze manier hopen wij te achterhalen welke behandeling het beste is.

Inleiding 

Een distale radiusfractuur is een van de meest voorkomende fracturen bij ouderen. Op de heupfractuur na is de radiusfractuur zelfs het meest voorkomend. In ongeveer de helft van deze gevallen gaat het om een gedisloceerde breuk. Direct na repositie kan er nog steeds sprake zijn van een matige stand. De stand kan ook verslechteren in de periode na repositie door re-dislocatie. Bij deze patiënten wordt er een keuze gemaakt tussen een operatie of een gipsbehandeling. Het is op dit moment nog onduidelijk wat de beste behandelmethode is voor patiënten van 65 jaar en ouder met een matige stand na een intra-articulaire distale radius fractuur. In de praktijk leidt dit tot veel variatie tussen ziekenhuizen en behandelaars. Dit klinische multicenter onderzoek moet uitsluitsel geven. 

DART studie 

De laatste decennia is er een stijging te zien in het aantal operaties ten opzichte van de ‘gewone’ gipsbehandeling in deze patiëntenpopulatie.1 Voordelen van een operatie zijn dat de patiënt sneller kan oefenen met de pols en dat de stand op de röntgenfoto beter wordt. Het is echter nooit wetenschappelijk aangetoond dat patiënten na een operatie minder klachten hebben.2 Daarnaast brengt iedere operatie risico’s met zich mee zoals infectie, stijfheid, bloedingen en pees- of zenuwbeschadiging. Het is daarnaast de vraag of in het dagelijks leven daadwerkelijk veel hinder wordt ervaren van een pols die minder mooi recht staat op de foto. Indirect bewijs laat zien dat de stand op de foto nauwelijks relatie heeft met de functie van de pols. Gips is daarom ook zeker een optie bij de behandeling. Gips heeft echter ook nadelen: de pols kan ook stijf worden door het gips en de breuk zal in een niet-anatomische stand vastgroeien. Uit indirect bewijs weten we dat patiënten die met gips zijn behandeld een even goede functie hebben als patiënten die zijn geopereerd. Begin 2017 is de DART studie gestart (www.dartstudie.nl). Met dit multicenter onderzoek wordt bekeken wat bij mensen van 65 jaar of ouder de beste behandeling is bij gedisloceerde intra-articulaire distale radiusfracturen met een matige stand. Aan deze studie doen 18 ziekenhuizen vanuit heel Nederland mee. Door middel van randomisatie wordt de behandeling bepaald. De helft van de deelnemers wordt behandeld met gips en de andere helft krijgt een operatie. We weten namelijk dat beide behandelingen over het algemeen een goed resultaat geven dus deelnemers kunnen geen pech hebben bij het loten.  

 

Deelnemers aan de studie worden een jaar lang intensief gevolgd. Er worden vragenlijsten afgenomen op zes verschillende momenten. Deze bevatten vragen over de huidige functie van de pols tijdens dagelijkse activiteiten en de ervaren pijn hierbij in de pols. Ook zijn de vragenlijsten zijn er op gericht de kosteneffectiviteit van de behandeling te onderzoeken. Er wordt ook gekeken naar de röntgenfoto’s van de pols en de functie van de pols wordt tussentijds beoordeeld door middel van grijpkracht en het bepalen van de range of motion. Geeft een operatie een beter resultaat, dan kan de huidige ontwikkeling – waarbij steeds vaker wordt geopereerd - worden voortgezet. Als er geen verschil in uitkomst wordt gevonden tussen beide behandelingen dan kan in de toekomst minder vaak worden geopereerd. Dit zou dan patiënten een operatie met mogelijk bijbehorende complicaties kunnen besparen. Blijkt een gipsbehandeling niet slechter dan een operatie, dan verwachten wij ook dat dit een flinke kostenbesparing kan opleveren.

Resultaten 

Met de resultaten van de DART studie hopen we meer te leren over de beste behandeling bij 65+’ers met een gedisloceerde intra-articulaire radius fractuur. Momenteel zijn er 109 van de benodigde 154 patiënten geïncludeerd in de studie. Daarvoor zijn wij alle deelnemende centra dankbaar voor hun hulp en inzet. Hopelijk kunnen wij de laatste 45 patiënten snel includeren om zo onze vraag te beantwoorden. 

Heeft u vragen? Neem dan contact op met de onderzoekers van de DART studie (contactgegevens zie onder). 

Esther Kret (Onderzoeksassistent Orthopedie), 
Anouk Kruiswijk (Onderzoeksassistent Orthopedie), 
Dirk ter Meulen (AIOS Orthopedie) OLVG locatie Oost 
Secretariaat Orthopedie DART studie Antwoordnummer 3075 1000 WC Amsterdam 
E-mail: dart@olvg.nl 
Website: www.dartstudie.nl.

Referenties 

1 Chung, K. C., Shauver, M. J., & Yin, H. (2011). The relationship between ASSH membership and the treatment of distal radius fracture in the United States Medicare population. The Journal of hand surgery, 36(8), 1288-1293. 
2 Ochen, Y., Peek, J., van der Velde, D., Beeres, F. J., van Heijl, M., Groenwold, R. H., ... & Heng, M. (2020). Operative vs Nonoperative Treatment of Distal Radius Fractures in Adults: A Systematic Review and Meta-analysis. JAMA network open, 3(4), e203497-e203497

Janine Rijnsburger

12 november 2021 om 08:33

Is het mogelijk dit hele artikel te lezen?

U dient in te loggen om een reactie te kunnen plaatsen.

Laat een reactie achter

Dit veld is verplicht